Volatiliteit wordt vaak gebruikt om gebeurtenissen, mensen en gevoelens te beschrijven, maar het kan ook markten en de prestaties van beleggingen omschrijven. Voor optiehandelaren is volatiliteit zowel een gevoel als een kwantitatieve maatstaf van de prijsschommelingen van een bepaald bezit. Bij het Options Institute zeggen we graag: volatiliteit gaat niet over de eindbestemming van de prijs van een bezit, maar over de manier waarop die prijs tot stand komt.
Volatiliteit is de verdeling van mogelijke prijs bereiken van een bezit, gebaseerd op één standaarddeviatie vanaf de gemiddelde of actuele prijs. Hierbij gebruik je een klokvormige (normale) verdeling om de waarschijnlijkheden te modelleren. Een bredere verdeling of een groter bereik van mogelijke prijzen betekent meer volatiliteit.
Het Belang van Volatiliteit
Waarom is volatiliteit belangrijk?
Als optiehandelaar vorm je je een mening over de markt aan de hand van volatiliteit, omdat dit een waarschijnlijk prijsbereik voor het onderliggende bezit voorspelt binnen een bepaalde periode. Jouw inschatting van de volatiliteit van een bezit kan verschillen van die van een andere handelaar. Door te handelen op volatiliteit ontstaat er een risico-overdracht tussen kopers en verkopers van opties, die uiteenlopende visies of verschillende middelen hebben.
Denk eraan dat een optiecontract een aantal bekende gegevens heeft: de huidige prijs van het onderliggende bezit, de uitoefenprijs, de resterende looptijd en de rente. Volatiliteit is de onbekende variabele die de waarde van een optie beïnvloedt. Deze variabele, en het verschil in mening hierover, heeft invloed op jouw keuze om opties te kopen of te verkopen.
Tijdens het handelen in opties is volatiliteit een belangrijk uitgangspunt om handelsbeslissingen te nemen. Hoger volatiliteitsniveau betekent meestal dat de prijs van het onderliggende bezit flink kan schommelen, omhoog of omlaag, in een relatief korte tijd. Hogere veronderstelde volatiliteit betekent daarom vaak dat een optie duurder is, omdat de kans groter is dat deze met waarde afloopt. Snap je hoe volatiliteit werkt, dan heb je een streepje voor en kun je betere keuzes maken!
Soorten Volatiliteit
Zoals je hebt geleerd, is volatiliteit een maatstaf die je als belegger kunt afleiden of berekenen. Welke soort volatiliteit je berekent, hangt af van de methode die je kiest.
Er zijn drie soorten volatiliteit. Als eerste is er historische of gerealiseerde volatiliteit: hierbij gebruik je historische prijzen om de gemiddelde volatiliteit van een bezit te berekenen. Deze prijzen liggen vast, dus historische volatiliteit is altijd terugkijkend.
De andere twee soorten volatiliteit – verwachte en geïmpliceerde volatiliteit – zijn juist toekomstgericht. Ze zijn bedoeld om te voorspellen. Om geïmpliceerde volatiliteit te berekenen, kun je een optieprijsmodel zoals het Black-Scholes-model gebruiken. Hiermee kun je een verwachting van de toekomstige volatiliteit afleiden, omdat die in de optieprijzen verwerkt zit. Weet je de optieprijs, dan kun je bij het prijsmodel de formule omdraaien en de geïmpliceerde volatiliteit uitrekenen. Een optierekenmachine is hiervoor een handig hulpmiddel. Verwachte volatiliteitwerkt anders: die gebruikt geen prijsmodel direct, maar wel een rekenmethode die openbaar beschikbare en waarneembare optieprijsdata gebruikt om een waarde te berekenen.
Zoals bij iedere berekening, kan ook volatiliteit (de afwijkingen of schommelingen) in de loop van de tijd veranderen. De uitkomst voor volatiliteit zal verschillen afhankelijk van het tijdsbestek dat je gebruikt bij je berekeningen. De prijsbewegingen van een bezit kunnen op een dag heel volatiel lijken, maar over het verloop van een jaar kun je constateren dat het bezit uiteindelijk weinig beweegt als het prijsbereik smal blijft.